LEVENSVRAGEN – 't Scheldt

LEVENSVRAGEN

Dat van de kip en het ei, daar zijn we nu wel uit. De kip was er eerder, klaar. Nou ja, dat wil zeggen, nu ik er wederom over nadenk begin ik toch weer te twijfelen. Want die allereerste kip moet toch ergens zijn uit gekropen en… Poehee, wat is dit toch moeilijk. Hoe dan ook: ze zijn niet uit ons leven weg te denken, die kippen. Zo stond er van de week ineens een nieuwe variant op de plofkip in de krant, om precies te zijn op een foto van een enigszins ondervoede Syrische hoen die door onze vredelievende vrienden van IS met staven dynamiet was omwikkeld.

De maagden raken op, dacht ik natuurlijk meteen. Tweeënzeventig stuks voor iedere jihadi die per massamoord het hiernamaals betreedt, dat gaat op een gegeven moment aantellen, en blijkbaar zijn er ook steeds minder jonge moslima’s die zichzelf in naam van Allah bomsgewijs wensen te fragmentariseren. Al suggereerde de verschrikkelijke gang van zaken in Suruç maandag, met al die vrolijke, jonge, knappe Koerden, iets anders. Die kip keek niet erg blij, dat staat in elk geval vast. Alleen al in Nederland worden er elke dag 1,3 miljoen geslacht, waarvan het overgrote merendeel in de slechts zes weken van hun leven dusdanig is gedrogeerd dat je, zeker wanneer je naar die opgepompte, glibberige stukken vlees kijkt die voor een spotprijs in de schappen van de buurtsuper plegen te liggen, de Tour de France toch weer met andere ogen gaat aanschouwen. En dan heb ik het dus alleen over slachtkippen en niet over de legkippen die ervoor zorgen dat wij ’s ochtends bij het ontbijt aan ons trekken komen.
Hè hè, eindelijk kan ik nu het beoogde terrein betreden, namelijk dat van de kip die wél blij is.
Die bestaat namelijk, de blije kip. Zeggen ze.
Hoe weet de eigenaar van een kippenboerderij dat zijn kippen blij zijn? Tokken ze dat? Blijkt het uit de pikorde? Ik vraag mij het nu reeds weken af, terwijl er toch een bedrijf bestaat, Gebroeders Van Beek, dat unverfroren ‘Blije kip-eieren’ aanbiedt. Niet dat mijn eigen bestaan nou zo denderend is. Goedbeschouwd leg ik, middels dit soort stukkies, óók al jarenlang mijn dagelijkse ei, en van het besef dat ik daarmee een soort batterijcolumnist ben geworden word ik niet echt blij. Maar volgens mij kan een kip, al is het een scharrelkip met duizend hectare ruimte, óók geen blijdschap ontlenen aan de wetenschap dat haar eieren worden opgepeuzeld door zo’n chagrijnige, bleke, betweterige PvdD-stemmer die per se geen bio-industriële eieren wil consumeren.
Wat zal dat zo’n kip aan haar toch al zo geplaagde kont roesten?
Levensvragen, lezer, ernstige levensvragen.
En dan te bedenken dat ik al jaren geen blije haan meer ben.***Wij danken Rob Hoogland en De Telegraaf voor de toelating tot overname van deze column.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *