986 K.A. – 't Scheldt

986 K.A.

Het valt wel heel erg op wie er ongeduldig wordt in de roep om een Belgische regering. Herman van Rompuy namens Europa, Guy Quaden van de Nationale Bank, baron Buysse namens de werkgevers, Rudy de Leeuw en Luc Cortebeeck voor de vakbonden, Paul Huybrechts voor de beleggers, in één woord: de gevestigde macht en het grote geld.

Aan Vlaamse kant zijn er sp.a, Groen!, de VRT en de zogenaamde kwaliteitskranten, die de boodschap versterken en proberen ook het volk zenuwachtig te maken. Maar dat schijnt niet zo goed te lukken : de mensen zijn rustig en de Vlaamse oppositie ook.
Ik heb eerder al mijn respect uitgedrukt voor het geduld waarmee het Vlaams Belang al meer dan dertig jaar aan politiek doet. Bewegingen die radicale omwentelingen voorstaan, zijn vaak geneigd radicale methoden te kiezen. Niets daarvan in Vlaanderen, geen militaire vleugel zoals de ETA of het IRA, geen nationale stakingen, geen betogingen of marsen, geen luid geschreeuw. Eigenlijk zou men toch mogen verwachten dat de grootste oppositiepartij de meerderheid luidop verwijt geen regering te kunnen vormen. Zelfs dat niet.

Rome staat in brand omdat Berlusconi aanblijft als premier. In Athene, Dublin, Londen en Madrid broeit de onrust en het verzet tegen de regeringen en de banken.
Maar wij, wij hebben geen regering en gaan rustig skiën in de Ardennen. Wij gaan naar Clouseau in het Sportpaleis of met onze leeuwenvlaggen naar de veldcross. Ik zit vredig met de kinderen en de kleinkinderen bij de kerstboom. En ook de Vlaamse politieke oppositie, zij doet vredig niets. Dolce far niente. Dat klinkt als een verwijt maar dat is het niet. Terwijl de machten proberen Bart de Wever en Wouter Beke op te jagen een regering te maken, laat Vlaams Belang-voorzitter Bruno Valkeniers zijn collega’s van de meerderheidspartijen met rust. Een heerlijke politieke strategie is dat.
Vijf minuten politieke moed’, neen bedankt, zelfs dat hoeft niet meer zonodig. Vlaanderen heeft geduld. Het Vlaamse pacifisme, een keurmerk dat al meer dan 180 jaar dienst doet, kan een voorbeeld voor de wereld worden. Die wereld dreigt de fatale fouten van de rampzalige twintigste eeuw te herhalen: Sint-Petersburg 1917, Rome 1922, Tokyo 1926, Berlijn 1933, Madrid 1936, Peking 1945, Havana 1958-1959. Als antwoord op de economische tegenstellingen moest het opgehitste volk gewelddadige oplossingen kiezen van ‘links’ of van ‘rechts’.
Deze maand waren er in de straten van Parijs alweer rode vlaggen te zien met de beeltenis van gewelddadige leiders. Hoe fotogeniek de kop van Che Guevara ook is, zijn geweld heeft niets goeds voortgebracht.
In de Italiaanse film Novecento (uit 1976) worden in 1900, bij het begin van de nieuwe eeuw, twee jongens op dezelfde dag geboren, Alfredo (vertolkt door Robert De Niro), de zoon van een rijke landeigenaar, en Olmo (vertolkt door Gérard Depardieu), een arme socialistische boerenzoon.
Hoe ontroerend regisseur Bernardo Bertolucci de gewelddadige strijd om de macht tussen ‘goed’ en ‘kwaad’ ook in beeld gebracht heeft, het was valse romantiek.
Europa, Brussel 2011 zal anders zijn.
Vlaanderen test en tart de machten, niet door ertegen te vechten, maar door te handelen alsof ze niets meer betekenen. Niets geweldigs, niets romantisch. Gewoon af en toe even zeggen: ‘Wie gelooft die mensen nog?’
De revolutionaire kracht van het eindeloze geduld. Zelfs geen vervroegde verkiezingen eisen. Het komt wel.
Alvast een vredevol 2011.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *