970 Ephi – 't Scheldt

970 Ephi

De ontheiliging van het politieke bedrijf is in volle gang. In de eerste plaats is dit de schuld van de politiek zelf. Het is nogal curieus dat een kabinet al ‘op sterven na dood’ kan zijn, zoals Trouw (3/9) kopte, terwijl het nog verwekt moet worden.

Doorgaans worden coalities geformeerd, vervolgens worden kabinetten geïnstalleerd en, bij ernstige onenigheden na een bepaalde bestuursperiode, in crisis gedompeld. Dan pas ontstaat een situatie waarin een regering in een stervensfase verkeert. In Nederland is het politieke bedrijf zo ontaard dat men bij de terminale fase begint. Je kunt nooit vroeg genoeg tot de kern van de materie doordringen. Maar of hiermee het aanzien van de politiek wordt vergroot, valt te betwijfelen.

Het miserabele spektakel van al die nutteloze onderhandelingen, steriele discussies en gesloten deuren onderstreept alleen maar de machteloosheid van de sector. Kunt u zich een bedrijf voorstellen waarin drie maanden lang wordt vergaderd zonder het begin van een product af te leveren? In de grotemensenwereld krijg je na een paar weken al een bezoek van de curator. Maar in het gesubsidieerde universum van de politiek kun je nog een half jaar zo doorgaan.

Het beeld dat de werkende burger van zijn politicus dan krijgt, is dat van een speeksel producerende romp die zich van vergadering naar overleg voortsleept. Niet het kabinets-embryo alleen lijkt op sterven na dood, maar het gehele bedrijf. Dat een lichaam in ontbinding heel wat bacteriën en parasieten aantrekt is in de orde der dingen.
Daarom hangen en kruipen voor de gesloten deuren waarachter de rompen vergaderen, complete koloniën verslaggevers. Het hoeft niemand te verbazen dat het ene het andere kan infecteren. Probeer eens dagenlang in een gang te posten met als enige horizon een deur van massief eikenhout, zonder met de nutteloosheid van het bestaan te worden geconfronteerd.

Ook machteloosheid is besmettelijk. Zeker wanneer je aan het eind van je zinloze dag amper drie nietszeggende woorden met je microfoon mag vangen. Dan word je verbitterd en cynisch. Je besprenkelt je commentaren met lacherige opmerkingen. Je jent en railleert en helpt hiermee het bedrijf verder te ontheiligen. Er kan bij de verslaggever die continu blauwtjes loopt zelfs wraakzucht optreden. Van respect voor de romppoliticus is dan geen sprake meer.
Zeker wanneer de vergaderfunctionarissen tijdens een onderbreking hun kaken stijf op elkaar houden. Dan vertel je je kijkers of luisteraars dat ze alweer voor een ‘plaspauze’ naar buiten mochten. Vroeger had men het over pauze tout court, of koffie- en rookpauze. Of een onderbreking om de benen te strekken. Maar ‘plaspauze’, dat is pas denigrerend. De romppoliticus wordt dan naar een strikt biologisch niveau gedegradeerd. Men praat lang en urineert vervolgens kort. Een plaspauze appelleert aan prozaïsche beelden van opengeritste gulpen en intieme kledingstukken die over de enkels hangen.

Aan het aantal keer dat uit radio- en tv-toestellen het woord ‘plaspauze’ galmt, kun je een idee krijgen van de staat van ontbinding van het politieke bedrijf.
***

Onze dank aan Sylvain Ephimenco en de krant Trouw voor hun toelating tot overname van deze column.
***

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *