925 K en K – 't Scheldt

925 K en K

Domme mensen zijn het die nooit van mening durven te veranderen. Is dit waar dan is de thans op rust zijnde gewezen Nederlandse minister-president Dries van Agt (CDA) zeker geen dom mens. Heel zijn politieke loopbaan lang (minister van justitie, premier, minister van buitenlandse zaken, commissa-ris van de koningin, diplomaat…) stond hij immer pal achter Israël.

Een bedevaart naar dat land einde jaren negentig van vorige eeuw, deed hem echter het geweer van schouder veranderen. Met eigen ogen zag hij de verschrikkelijke behandeling die de Palestijnen moeten ondergaan in de bezette gebieden. Hij nam de indrukken mee naar huis, ging er over lezen (tot op de dag van vandaag) en vond het uiteindelijk zijn plicht, zonder de Palestijnse wandaden weg te poetsen (‘Dat de Palestijnen rotdingen hebben gedaan, en nog steeds doen – en daaronder een aantal zeer ernstige – dat weten we al lang, dat is al tientallen jaren belicht en overbelicht’), het Israëlische wangedrag aan te klagen in een boek. hamad

Een schreeuw om recht. De tragedie van het Palestijnse volk‘ was het resultaat. Het verscheen zopas bij De Bezige Bij.
Van Agt citeert in zijn boek allerlei rapporten van de Verenigde Naties, Amnesty International e.a. die van het gedrag van Israël ten overstaan van de Palestijnen (denken we maar aan de recente Gaza-oorlog) geen spaander heel laten en waarin zelfs wordt gesteld dat het land zich schuldig maakt aan genocidale praktijken.
Nog net bestempelt hij Israël niet als een ‘schurkenstaat met een uiterst gewetenloos stel leiders’ al citeert hij in dit verband wel de Oxfordse hoogleraar Avi Shaim (die zich dit liet ontvallen naar aanleiding van de inval in Gaza) om aan te tonen dat er ook heel wat verstandige, redelijke, menslievende en oordeelkundige Israëliërs zijn.

Bijna driehonderd bladzijden aan een stuk hekelt de vroegere Nederlandse premier het optreden van Israël jegens de Palestijnen. Daarbij schuwt hij ook niet de Nederlandse politici op de korrel te nemen die dat land nog steeds onverkort steunen. Ook mensen uit zijn eigen CDA, waarvan hij de eerste voorzitter was, moeten het ontgelden ‘omdat die partij zo kritiekloos pro-Israël is’.
Zijn eigen gedrag in de jaren zeventig en tachtig toen hij minister-president was vergoelijkt hij door te stellen dat hij toen geen notie had van wat daar aan het gebeuren was. ‘We wisten wel dat Israël zich niet aan VN-resoluties hield en weigerde zich terug te trekken uit de bezette gebieden en we von-den dat ook niet helemaal volgens het boekje, maar het was ook wel begrijpelijk, want het land, niet meer dan een smalle strook, werd hevig bedreigd door zijn buren. Wisten wij er toen veel van. Het zou wel goed komen, dachten wij in onze naïviteit’.
moord
De bloedbaden die onder de ogen van het Israëlische leger door Libanese falangisten werden aangericht in de vluchtelingenkampen van Sabra en Shatila, wekten bij Van Agt al meer achterdocht, toch duurde het nog tot einde jaren negentig voor hij de gruwelijke werkelijkheid zag tijdens zijn eerste bezoek aan het Heilig Land.
Van Agt stelt zich in zijn boek ook de vraag naar het waarom van die bijna kritiekloze aanhankelijkheid aan Israël in Europa en meer speciaal in Nederland.
Die houding, zo zegt hij, heeft veel te maken met de Holocaust en het tamelijk lamlendige gedrag van veel Nederlanders tijdens WO II met betrekking tot de discriminatie, vervolgens deportatie van de Nederlandse joden.
Maar ook de christelijke opvoeding (‘het Joodse volk is het uitverkoren volk’) van een groot deel van de Nederlandse bevolking speelt een belangrijke rol: het streven van de staat Israël naar gebiedsuitbreiding wordt een Bijbelse fundering toegedicht en mag daarom niet gelijkgesteld worden met (pogingen) tot verovering door andere landen elders ter wereld.
Tot slot is er natuurlijk ook de vrees beticht te worden van antisemitisme indien men kritiek durft te hebben op het gedrag van de Israëlische regering al storen, ‘gelukkig maar’, steeds minder mensen in Nederland zich aan deze aantijging ‘om uiting te geven aan hun verontwaardiging over het wangedrag van de staat Israël’.

Het boek ‘Een schreeuw om recht‘ is bijgewerkt tot mei 2009 met, in een nawoord nog een aanvulling tot juli van dit jaar. Chronologisch zit er geen structuur in, wel thematisch al gaat een chronologisch overzicht de hoofdstukken vooraf.
Van Agt schreef het boek om de onwetendheid over wat er werkelijk met de Palestijnen is gebeurd na de Tweede Wereldoorlog uit te wereld te helpen. Die onwetendheid is grotendeels het gevolg van vooroordelen, mede teweeggebracht en gevoed door vertekende informatie die leidde tot onverschilligheid jegens of zelfs afkeer van de verdrevenen en verdrukten.
Uit het boek klinkt een schreeuw om recht voor de Palestijnen op.
Zal hij nu gehoord worden?

Dries van Agt * Een schreeuw om recht. De tragedie van het Palestijnse volk * Uitg. De Bezige Bij * 367 p * 19,90 € * ISBN 978 90 23458 30.

rabbi

BEDENKELIJKE UITSPRAKEN

In zijn boek citeert Dries van Agt ettelijke opmerkelijke uitspraken.

Rafaël Etan, chef van de generale staf van het Israëlische leger in 1983:
Wanneer wij het land gekoloniseerd hebben zullen de Arabieren daar alleen nog maar kunnen rondhaspelen als bedwelmde kakkerlakken in een fles’.

Premier Yitzhak Shamir:De Palestijnen worden vertrapt als sprinkhanen, de koppen kapotgeslagen tegen de keien en de muren’.

Premier Ehud Barak vergeleek de Palestijnen met krokodillen: ‘Hoe meer vlees je ze geeft, des te meer ze willen krijgen’.

Arnon Soffezr, prof. geografie aan de universiteit van Haïfa: ‘Wanneer 2,5 miljoen Palestijnen bij elkaar zitten in het afgesloten Gaza worden ze nog grotere beesten dan ze al zijn met behulp van een krankzinnige fundamentalistische islam. Als wij in leven willen blijven dan zullen we moeten doden, doden en doden. De hele dag, elke dag. Als we niet doden houden we op te bestaan’.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *