870 Karadzic – 't Scheldt

870 Karadzic

Hij gaf boeken uit, verzorgde confe-renties, verscheen in het publiek en schuwde zelfs de hoofdstad niet. Zijn enige vermomming waren een kolos-sale grijze baard en een doodgewone bril. En toch heeft niemand hem al die tijd herkend of zelfs maar enige arg-waan gekregen omtrent zijn ware identiteit. En dat voor iemand wiens stem zo vaak in de media te horen is geweest ten tijde van de (burger-)oor-log!
Maar goed, nu is hij dan toch maar ge-vat en zal te langen laatste gerechtig-heid kunnen geschieden. Hij zal ook wel snel worden uitgeleverd aan het Internationaal Strafhof te Den Haag.
Daar hebben al heel wat van zijn volksgenoten terecht gestaan, trou-wens. De vijanden en slachtoffers van zijn regime zijn uiteraard uitgelaten blij, de meeste media en politiekers van hier eveneens en de man in de straat zal hen niet tegenspreken, als hij tenminste niet voor politiek incorrect wil doorgaan.
De Gucht, die nooit ofte nimmer een gelegenheid laat verloren gaan om zijn universeel licht te laten schijnen op al-les wat zich in de wereld voordoet (lees er de communiqués van Buiten-landse Zaken maar op na – erg onder-houdend!), was ook ditmaal uiteraard weer in zijn nopjes.
Een paar kanttekeningen moeten mij ondanks alles toch even van het hart.
Eén. Ik hou geweldig aan het eeuwen-lang bestreden principe van de natio-nale souvereiniteit. Een kleine staat, een zwakke staat, een slechtgeziene staat is op die manier in le concert des nations evenveel waard als een grote, sterke en populaire staat.

Twee. Het idee dat op die manier per-fide leiders de dans ontspringen en nooit berecht kunnen worden, overtuigt niet echt.
Immers,
a) wie beslist welke leider perfide is en welke niet?;
b) welke overwegingen spelen daarbij mee?;
c) genomen dat a en b geen probleem vormden, zijn er dan geen even perfide leiders die nooit gevi-seerd (zullen) worden?
En omdat we dan terug bij a zijn, kan de vraag gesteld worden of dit hele gedoe met internationale strafhoven ons wel ene moer oplevert inzake ge-rechtigheid. En dat is drie.
Wacht eens even, die fameuze soeve-reiniteit speelt hier toch niet, kan ie-mand zeggen.
De Servische overheid heeft immers volop meegewerkt aan arrestatie en uitlevering van deze ‘oorlogsmisdadi-ger’! Ja, natuurlijk. Of beter, ze is ge-zwicht voor de internationale druk. Ze moest wel, want anders werd ze niet voor ‘proper’ aanzien en kon ze de broodnodige subsidies van her en der maar mooi op haar buik schrijven. Wie op de pijnbank ligt, geeft nu eenmaal makkelijker toe dan wie op de sofa zit! Dat kan allemaal wel zijn, maar is het dan niet beter dat af en toe eens één corrupte leider moet boeten dan hele-maal nooit?
Wat zou de lezer er van denken mocht hij door de politie uitverkoren worden om als enige van een hele avenue foutparkeerders op de bon te worden gezet?
Zou hij dat gerechtigheid noemen?

***

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *