1278 Ephi II – 't Scheldt

1278 Ephi II

… Ik kocht een paar kranten. Daarin werd opgemerkt dat de populistische presidentskandidaat Marine Le Pen bezig is aan een opmars. Afgelopen donderdag verbrak ze alle kijkcijferrecords bij een befaamd politiek tv-programma. Waar de linkse Hamon een paar weken geleden 1,7 miljoen kijkers haalde, bereikte Le Pen 3,5 miljoen mensen die haar in meerderheid ‘competent’ vonden. Een ware omslag nadat haar antisemitische vader Jean-Marie veertig jaar lang het Front National (FN) met de knoet regeerde.FatalismeOp zaterdagavond werden we bij de familie D. uitgenodigd. Een aimabel stel van boven de zestig dat in een luxueuze villa aan de Provençaalse kust woont. Er waren ook andere mensen uitgenodigd onder wie een reclameman, oud-communist, die nog in dienst was van een links regionaal dagblad, en een makelaar die in Marseille en omgeving opereerde. Omdat Fransen dol zijn op politiek en in oververhitte debatten verzeild kunnen raken als er gestemd moet worden, ging de conversatie vrij snel over de presidentsverkiezingen. Wat me gelijk opviel was hun fatalisme. Het toontje was blasé en verre van opgewonden. De makelaar liet er geen misverstand over bestaan: wat er ook gebeurde, hij ging in de eerste en tweede ronde voor Marine Le Pen stemmen. Ook al wist hij dat ze geen kans maakte om presidente van het land te worden. Hij stemde niet FN vanwege haar islam- of immigratiestandpunten, maar omdat hij een diepe afkeer had van de ‘dominante Europese Unie. Gastheer D., een gewezen directeur bij een beroemde Franse supermarktketen, nu met pensioen, keek verveeld. Hij had al zijn interesse in de Franse politiek verloren, vond Trump zo gek nog niet en achtte de aanstaande presidentsverkiezingen nu al beslist: Le Pen zou, net als in de VS van Trump, voor een enorme verrassing zorgen en hij vond dat hij met zijn stem niet achter kon blijven. De linkse reclameman hoorde het allemaal koel aan. Een aantal jaren terug was hij in een dergelijk gezelschap uit verontwaardiging op zijn stoel geklommen. Nu was hij in zijn leren Chesterfield onderuit gezakt en onverschillig en routineus in zijn champagne gaan roeren. Ik keek naar mijn drie gesprekspartners. Dit waren geen boze witte mannen met schulden, maar gearriveerde burgers. Ze waren de wegbereiders van iets dat nog moeilijk is te duiden.*Onze dank aan Sylvain Ephimenco en de krant Trouw voor hun toelating tot overname van deze column.***

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *