1212 Act III – 't Scheldt

1212 Act III

ACTUEEL III

Onder de titel: Antwerpenaar pakt afvalcrisis Libanon aan, konden we op 16 oktober in de kranten lezen dat niemand minder dan Antwerps schepen Philip Heylen (CD&V) als gezant van het VN-Milieuprogramma naar Libanon gaat. Het land kampt immers met een enorme afvalcrisis. Door corruptie wordt het land niet meer bestuurd en het afval van de bewoners ligt al maanden gewoon op straat. In de steden zijn afvalbergen tot acht meter hoog geen uitzondering. Er ontstaan steeds meer gezondheidsrisico’s, zoals diarree en cholera. De Libanese regering vroeg de VN om hulp bij het afvalprobleem. En de verlichte geesten van de Verenigde Naties dachten onmiddellijk … aan niemand minder dan de Antwerpse Commodus: schepen Philip Heylen.
In de stad Antwerpen is hij o.m. verantwoordelijk voor stads-en buurtonderhoud, recyclage en afvalverwerking. Bij de Romeinse keizer werd de aandacht voor staatszaken nog minder dan het in het begin van zijn ambtsperiode al het geval was en hij hield zich steeds meer bezig met zijn hobby’s: de jacht en gladiatorspelen. Tot grote afschuw van de senaat trad hij zelf ook op als gladiator in het circus. Zijn grootheidswaan was grenzeloos. Hij liet zichzelf identificeren en aanspreken met Hercules.De parallellen met de Commodus van de Antwerpse CD&V zijn dan ook snel getrokken. Het is een publiek geheim dat Heylen zichzelf ziet als belangrijker of machtiger dan zijn omgeving. Hij schrijft zichzelf dan ook bijzondere talenten toe… zeker nu hij (en niet de Libanese terrorist Abou Jahjah) door de VN gevraagd is om de problemen in Libanon even te gaan oplossen. Tussen 19 en 21 oktober zal Heylen ter plaatse de situatie onderzoeken en de beleidsvoerders ervan overtuigen te kiezen voor een duurzaam afvalbeleid. Wat hij in 3 dagen zal realiseren in Libanon heeft hij in drie jaar van deze legislatuur nog niet kunnen realiseren in zijn eigen stad. Net als Commodus destijds, verwaarloost ook Heylen zijn taak -als schepen voor ‘buurtonderhoud’ (sic) – schromelijk. Een kleine wandeling door de binnenstad laat een wonde na in het hart van iedere sinjoor. Een spoor na van verloedering, allerlei viezigheid en onbestemde smurrie die aan de stoepen en op straat kleeft, graffiti, stickers op palen en borden, losse straatstenen, restanten van nachtelijke uitspattingen, uitwerpselen, de stank van urine komt je vanachter iedere hoek of portiek tegemoet.Een gevoel van plaatsvervangende schaamte tegenover de toeristen die de eens zo fiere Scheldestad bezoeken treedt spontaan op… De tonnen sluikstort en zwerfvuil worden voor dag en dauw opgehaald door de speciale ploegen van de stadsreiniging, zodat ze uit het straatbeeld verdwenen zijn tegen dat de (werkende) burgers zich op straat begeven, maar daarmee wordt er niets aan het probleem verholpen. Het zijn voornamelijk de nieuwkomers aller landen die naar hartenlust en volgens de rites van hun geloof, hun afval op straat mogen blijven kieperen terwijl er nauwelijks tegen wordt opgetreden ‘want een kei kan je het vel toch ook niet afstropen hé?’De belastingbetalende burgers blijven opdraaien voor het wanbeleid van ‘de redder van Libanon’De theoretische les die Heylen uit de geschiedenis kan trekken is het lot dat Commodus te beurt viel. Toen het volk het beu werd en begon te morren werd hij naar aloude Romeinse traditie vergiftigd en post mortem ook nog eens gewurgd om zeker van zijn dood te zijn.Dit toont aan dat megalomanie enorme irritatie kan opwekken bij de omgeving van de megalomaan.***

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *