1192 Ephi – 't Scheldt

1192 Ephi

Ik ben er gewoon trots op hoe ik me vocaal staande heb weten te houden, zei ze nog na afloop. Hoor onze trotse Trijntje Oosterhuis nadat ze bij de eerste halve finale van het Eurovisie songfestival naar de uitgang van de Weense Stadthalle werd gewerkt. Ah, die douze points, goede oude tijd! In de jaren zestig al kwam ons devote gezin om het Radiola-toestel klonteren teneinde de nieuwe religie te beleven: de hoogmis van het internationale chanson. Zwart-wit beeld, één tv-net en voor alle kandidaten dezelfde musici van hetzelfde orkest. Wel mochten ze hun eigen dirigent meenemen, zodat de aflossing tussen voorganger en opvolger, inclusief het doorgeven van het stokje, de spanning kon vergroten. Het was de tijd dat Gigliola Cinquetti voor Italië (1964) won met ‘Non ho l’eta’. Een voor die tijd licht erotisch liedje dat begon met: ‘Ik heb niet de leeftijd om alleen met jou uit te mogen gaan’.

Gigliola stond als een hark op een podium dat niet groter was dan een doorzonkamer uit Rotterdam-Zuid en probeerde zo min mogelijk te wiebelen. Alles leek gestold, muurvast. Dit om de aandacht niet van het liedje af te leiden. Veertig jaar later is het precies andersom.
De show alleen telt, de melodie is secundair. En als je ook nog Conchita Saucijs of Wurst heet en een aanstellerige travestiet met baard bent, dan valt er een wereld te winnen. Als je aan deze visuele orgie toch wil meedoen, is het beter de huidige regels en gewoontes eerst goed door te nemen. Dus niet naar 1964 terug te willen klauteren. Inderdaad: Trijntje zong goed en heeft een mooie stem. Akkoord: het liedje ‘Why, why-aiaiai’ was zeer middelmatig en door te veel herhalingen stomvervelend. En helemaal waar: door zich in twee zwarte aardappelzakken te steken om haar forse heupenlijn te verbergen, kon Trijntje het hoofd van heteromannen (ja, er zijn er nog die het festival volgen) niet op hol brengen. Maar dit zijn heus niet de redenen voor haar uitschakeling. En mocht u mijn onfeilbare analyse niet willen lezen, stop nu en bespaar me uw chauvinistische protestbrieven. Want het is het bedroevende optreden van Trijntje dat haar genekt heeft. Het begon als een mislukte B-film, genre horror, met een belachelijke close-up op een zwarte gezichtssluier. Vervolgens kregen we de act van een houten Klaas die in beton leek te zijn gegoten. Daarbij vergeleken was Gigliola uit 1964 een soepel slangenmens. Met de linkerhand aan de microfoon vastgeklampt en de rechtervooram die ze onophoudelijk hief en liet zakken, leek ze op een geamputeerde pinguïn. Of een defecte spoorwegovergang. Maar die voorarm was tenminste nog haar enige lichaamsdeel dat enigszins bewoog. Het ergste was misschien die angst en leed die gedurende de hele opvoering haar gezicht vervormden.
Het was als een pijnlijke bevalling waar iedere Why, why-aiaiai enkele nieuwe persweeën leek aan te kondigen. Ja, Trijntje zong goed en bedoelde het goed. Maar dat de kijkers geen zin hadden om in de finale alweer zoveel leed en angst te moeten aanschouwen, is begrijpelijk.***Wij danken Sylvain Ephimenco en Trouw voor hun toelating tot overname van deze column.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *