1087 Act III Bijdrage van Luc van der Kelen bij 500ste nummer van ‘t Scheldt – 't Scheldt

1087 Act III Bijdrage van Luc van der Kelen bij 500ste nummer van ‘t Scheldt

ACTUEEL III

De bijdrage van Luc van der Kelen bij ons 500ste nummer

Vijfhonderd nummers van ’t Scheldt. Het is een merkwaardig jubileum, want niemand had er eigenlijk een cent op willen verwedden dat deze fax- en mailkrant levensvatbaar zou zijn. Een blad, gemaakt door een stel amateurs in de journalistiek die de gevestigde media te lijf gingen alsof hun leven ervan afhing. Het blijft overigens een origineel concept – dat de Hollanders daar al niet eerder op gekomen zijn – om een blad uit te geven, waarvan de drukkosten door de abonnee worden betaald. Maar bon, ’t Scheldt heeft het dus volgehouden. Dat kan alleen door de gedrevenheid van de stichter-uitgever Bert Murrath. Je zou iets dergelijks verwachten van een jonge snaak van 22, maar Bert Murrath deed het op iets rijpere leeftijd.’t Scheldt bestaat dankzij de woede, de frustraties van een Vlaming en de brutale humor die in hem zitten, op het randje van het toelaatbare en soms erover.

Het enige wat vreemd is, is het militante katholicisme dat regelmatig uit het blad blijkt. Dat staat haaks op ’t Scheldt, want katholicisme veronderstelt vergevingsgezindheid en dat is geen kwaliteit die Bert Murrath ten toon spreidt als hij het over zijn tegenstanders heeft. Ze worden ongenadig aangepakt. Maar ’t Scheldt heeft zijn plaats veroverd. Het is net zo goed een vorm van journalistiek als een eerbiedwaardige krant met een traditie van honderd jaar achter zich. Nochtans pogen de gevestigde journalistieke instellingen om van journalistiek een ‘closed shop’ te maken met een aantal voorwaarden, die anderen uitsluiten. We hebben nog net geen ‘boek’ nodig van vader op zoon zoals in de haven om te mogen schrijven. Iedereen kan journalist zijn, iedereen kan uitgever zijn. ’t Scheldt doet aan opiniërende journalistiek, op een manier die de goegemeente van de overwegend links denkende journalisten – ‘da is’ – niet zint. Maar niemand kan eronder uit dat dit een vorm van zeer polemisch, zeer scherp en regelmatig zelfs zeer beledigend – voor de ‘slachtoffers’ –  journalistiek werk is. Behalve dan het feit dat het niet het hoofdberoep is van de betrokken auteurs. Dat is een volkomen arbitraire voorwaarde die de gevestigde journalistiek heeft uitgevonden als een vorm van zelfbescherming en geslotenheid van het beroep, waarvan ik me afvraag of ze een toetsing aan de Europese wetgeving kan doorstaan.

Het uitsluiten van journalisten, zij het dan geen ‘beroepsjournalisten’, die overduidelijk aan een georganiseerde vorm van journalistiek doen, van alle manifestaties voor de pers, louter op basis van een financieel criterium, correspondeert op geen enkele manier met de regels van de persvrijheid die in ons land zijn gegarandeerd. De manier waarop ’t Scheldt bericht, is vaak shockerend, altijd confronterend, rechts tot vaak extreemrechts. Dat is mijn stijl niet en nog minder mijn overtuiging. Maar het staat ieder vrij om te schrijven op de manier zoals hij/zij meent dat te moeten doen. Wie zei dat ooit alweer? Voltaire.

Luc van der Kelen

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *