1041 Ephi – 't Scheldt

1041 Ephi

Toen Pim Fortuyn zijn politieke ambities met de kreet ‘Ik kom eraan!’ kenbaar maakte, heb ik hem in dezelfde week met Francè Cavallo vergeleken. Voordat hij werd opgenomen, was Cavallo jarenlang de dorpsgek van het Toscaanse stadje Pietrasanta. Hij rende regelmatig over de piazza en riep ‘vengo, vengo!‘ (ik kom eraan).

Ik dacht werkelijk dat de Elsevier-columnist als een zeepbel uiteen zou spatten. Maar ik zag eveneens vrij snel dat ik me vergist had. Ik had ook niet kunnen veronderstellen dat de nar, ook in de politiek, toch een beetje een nar zou blijven. Atypisch, onafhankelijk, soms cabaretesk, maar met een mond nog steeds vol van ongemakkelijke waarheden.

In zijn laatste column voor Elsevier, op 1 september 2001, schreef Fortuyn, na acht jaar columnist te zijn geweest: ‘Mijn handen jeuken om uitvoering te geven aan mijn denkbeelden’. Een gevaarlijke onderneming, in zijn geval.
Een andere bekende columnist die de politiek instapte, was Ronald Plasterk. Ook hier was mijn reactie: niet doen! Zeker toen ik merkte dat, anders dan Pim, Ronald zijn co-lumnistenveren aan het afschudden was. De nar met hoed op en gitaar die Bob Dylan in ‘Buitenhof‘ imiteerde, moest zich een nieuw jasje aanmeten om zijn ministerie plechtig te betreden. Hij hoefde zeker niet, zoals buitenbeentje Fortuyn, het systeem van buitenaf te attaqueren, maar werd met onmiddellijke ingang door hetzelfde systeem opgenomen. Hoewel hij toch heel even voor PowNed de nar is gaan uithangen op Ibiza. Een foutje, maar dat was vóór het aftreden van Cohen.

Nu heeft Plasterk zijn ware ambities onthuld: hij wil op de troon. Eerst politiek leider van zijn partij, dan lijsttrekker en, wie weet, ooit premier. Wat columnist Fortuyn dus niet is gelukt. Daarvoor heeft Ronald zijn allerlaatste veer nu afgeschud. Hij verschijnt met first lady Els op tv, vouwt zich in duizend plooien om zijn potentiële kiezers te behagen en drinkt op het commando van Matthijs-‘DWDD’ een slok water. De luis is getemd en definitief uit de pels.

In zijn laatste Buitenhof-column (februari 2007) zei hij dat, ‘van columnist tot politicus’, hij zijn best zal doen om ‘de taal helder en de mening scherp’ te houden. Niets is minder waar. De mooie en precieze woorden van de columnist zijn in de nietszeggende kromme zinnen van de politicus gemuteerd.
Donderdagmorgen nog hoorde ik Ronald in het ochtendjournaal: ‘Mijn slogan is: jouw land, mijn land. Als we zo door dit land trekken, dan zijn we echt een goed land. En moeten we de goede dingen gaan doen in het land. En daar staat de PvdA voor’.

Hé, stuurman, blijf aan wal!
*
Onze dank aan Sylvain Ephimenco en de krant Trouw voor hun toelating tot overname van deze column.
***

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *